Nieuwe Meisjes sloeg aan

Nieuwe Meisjes sloeg aan

Woensdagavond 7 november 2012 werd een avond voor geëngageerde Kempense vrouwen. Het Platform Vrouwenkracht Kempen stuurde uitnodigingen rond naar vrouwen die zich de voorbije tijd inzetten in de politiek, het verenigingsleven of de bedrijfswereld. Zo’n 160 vrouwen veroverden een plaatsje. Het platform moest meer dan honderd extra potentiële bezoekers teleurstellen door plaatsgebrek.

En er was nog een beetje pech: minister van staat Miet Smet en actrice Lien Van de Kelder zegden op het laatste nippertje af. Senator Leona Detiège en actrice Viv Van Dingenen werden zo de echte ‘nieuwe meisjes’ van dienst. Maar kom, er zou gepraat worden met vier toonaangevende vrouwen. In de Schoonbroekse Nummer 7 praatte gastvrouw Amaryllis Temmerman met Denise De Vlieger, afgevaardigd beheerder bij nv Almasy.

Denise De Vlieger: ‘Ik besef hoeveel geluk wij hebben’

Almasy staat voor Algemene Magazijnsystemen: we doen in rekken, mobiele archieven, … voor opslag in magazijnen. Dat bedrijf leid ik samen met mijn man, en dat doen we op evenwaardige basis. Ik ben 53, getrouwd, moeder van drie al wat oudere kinderen tussen 18 en 23. Als koppel namen we de zaak twintig jaar geleden over, na een traject van een tien jaar in loondienst. De ondernemingswereld leek ons een droom. We konden de KMO betaalbaar overnemen, met twaalf mensen in dienst. Dat is het leuke aan ondernemen: je moet elke dag beslissingen nemen, impulsen geven, en ja, af en toe ook een tegenslag verwerken.
Of we daar nooit ruzie over hebben? Ik zou zo opnieuw beginnenEigenlijk niet, nee, al is het soms lastig als we samen niet onmiddellijk knopen kunnen doorhakken.
Nu is Almasy uitgegroeid met een personeelsbestand van dertig medewerkers. Er komt veel – en zwaar – productiewerk aan te pas. Daardoor hebben we een twintig mannen in dienst. In de administratieve afdeling is het aantal mannelijke en vrouwelijke werknemers nagenoeg gelijk. We zijn ook altijd een heel divers bedrijf geweest: we kijken doelbewust naar de competenties die sollicitanten hebben. Dat heeft het bedrijf enkel voordelen opgeleverd. In dat leren leven met verschillen hebben we ons personeel ook begeleid en opgeleid.
Onze werknemers zijn ook heel betrokken op het bedrijf. Daar doen we ons best voor, want dat is net de kracht van Almasy: we hebben het bedrijf samen in kleine stapjes opgebouwd tot wat het nu is. Daarvoor gaan we binnenkort samen ons twintigjarig bestaan vieren.
En we steunen met ons bedrijf ook nog een uitwisselingsprogramma met het Zuiden: dat stuurt experten uit ondernemingen in hun vakantie uit naar het Zuiden, om daar expertise bij te brengen bij lokale bedrijven met groeipotentieel. Door de tewerkstelling via die ondernemingen aan te zwengelen, zorgen we voor minder armoede ginds.
Ik besef hoeveel geluk wij hebben, en eigenlijk hebben we dat met velen hier. Rijkdom kunnen delen, geeft zo veel voldoening dat je daar terug energie uit put. Dat lijkt me ook de grootste uitdaging; dat ik verder kan doen wat ik doe, dat ik dat geluk verder kan geven.”

Leona Detiège: ‘Ik kan de ongelijkheid niet aanvaarden’

Of ik hoogtepunten kende in mijn politieke loopbaan? Ik heb veel watertjes doorzwommen: ik zat in de provincieraad, werkte jaren als volksvertegenwoordiger, was schepen van o.a. cultuur in Antwerpen, werkte nog later als minister, als staatssecretaris van pensioenen, als burgemeester… Aangrijpend was de tijd als staatssecretaris, toe we net met die vreselijke ziekte Aids geconfronteerd werden en campagnes opzetten rond voorbehoedsmiddelen. Dat zorgde toen voor veel discussie: de meerderheid mannen in het parlement was daar nog niet rijp voor.
Als ongehuwde moeder leek ik een soort ontvoogde minderjarigeIk was acht jaar lang een vrouwelijke burgemeester. Nu nog zijn er maar enkele van de 308 Vlaamse burgemeesters een vrouw. Ik werd regelmatig geconfronteerd met mannen die beter wisten hoe het moest. Frustreren deed dat niet; integendeel: het gaf me een grotere wil om verder te doen. Dat heb ik gemeen met veel vrouwen van mijn generatie. Misschien bewijst dat het wel het vooroordeel “dat je als vrouw wel een slecht karakter moet hebben om in de politiek te gaan.”
Wat me wel tegen de borst stootte, was dat ik als bewust ongehuwde moeder indertijd een soort ontvoogde minderjarige was: voor alles bleek ik een toestemming nodig te hebben. En ik moet toegeven dat als ik toen mijn moeder niet had gehad die me steunde, het me niet zo makkelijk was gegaan. Ik merk dat jonge vrouwen in de politiek nu meer rekening houden met hun kind en hun familie.
Ik kon de ongelijkheid in de maatschappij toen niet aanvaarden. Ik heb daar altijd tegen gevochten. Ik werkte eerst in overheidsdienst, waar de lonen gelijk waren. Maar daar raadde men me ook aan niet uit te blinken met mijn tikwerk: “anders gaan ze je direct gebruiken als secretaresse”.
Mijn grootste verwezenlijkingen voor de Vlaamse vrouwen zie ik vooral in kleine aanpassingen in de pensioenwetgeving en in de fiscaliteit. Ik vrees soms dat we die verworvenheden nu doodnormaal vinden. Als we even niet opletten, kunnen we makkelijk terug belanden in de dip van vroeger.
Mijn dochter zit ook in de politiek, ja. Ze zei altijd: “van mijn leven niet”. Maar ze zag in haar apotheekpraktijk veel miserie en armoede en ze wou daar iets aan veranderen. Ik vind dat heel dapper.”

Viv Van Dingenen: ‘Om gelukkig te zijn, moet je onafhankelijk kunnen zijn’

Vóór ik actrice werd, was ik logopediste. Ik deed dat met hart en ziel. Ik was gespecialiseerd in het werken met autistische kinderen. De drang om te acteren was echter groter: op mijn 27 besloot ik om vier jaar te gaan studeren, zodat ik nu meesteres in de dramatische kunsten ben. Afscheid nemen van ‘mijn kinderen’ deed ik wel met tranen in mijn ogen.
Mijn moeder is de oorzaak van alles: ze was vrijwilligster bij van alles en nog wat: KAV, Kom op tegen Kanker, … Ze las ook voor in de kerk, en dat wou ze zo goed mogelijk doen. Daarom vroeg ze me of ik niet met haar dictie wou gaan volgen. Daar is de bal aan het rollen gegaan. Zij was ook van de generatie waarin vrouwen thuishoorden aan de haard. Ze heeft zich daar altijd tegen verzet, en ik vond dat zó mooi. Ik herinner me dat ik op mijn dertiende snapte dat je om gelukkig te zijn, ook onafhankelijk moet kunnen zijn. In mijn toneelopleiding had ik het niet zo makkelijk: je moet je vaak helemaal blootgeven en je kunnen wapenen tegen bikkelharde kritiek.  Ik had het geluk op mijn 27ste dat ik al wat gehard was in het leven. Soms heb ik toch hard op mijn tanden moeten bijten. Ja, ik ben wel een doorbijtertje. Aan de andere kant is het acteerwerk zo heerlijk omdat je samen met andere mensen werkt. Daarbij is de sfeer heel belangrijk. Voor die goede klik moet je zelf energie kunnen geven.
Politiek is zó belangrijkIk heb het geluk gehad om op de juiste plaats, op het juiste moment de juiste mensen tegen te komen. Ik ben ook ambassadrice voor De Stortkinderen, ja. Op reis met Lien Van de Kelder belandden we in Cambodja. Ze had een lijst mee met adresjes waar we dingen konden beleven en tegelijkertijd de plaatselijke bevolking konder ondersteunen. Die lijst was opgesteld door de initiatiefnemers van De Stortkinderen. Ondertussen richtten die al drie weeshuizen op voor kinderen die vroeger op die storten leefden. Ik ben ook een jaar ambassadeur geweest voor Unicef. Dat is een belangrijke organisatie, want ze kunnen deals rondkrijgen met de verschillende overheden rond onderwijs, hulpverlening, welzijn, … Maar ik vind kleine projecten zoals De Stortkinderen ook belangrijk: je weet dat elke euro voor hen ook daar effectief iets kan veranderen.
Ik ben ook politiek betrokken, al heb ik geen kleur. Ik kwam op met de onafhankelijke stadspartij in Sint-Niklaas.  Politiek is zo belangrijk: het draait om de organisatie van de samenleving. Daarvoor heb je geëngageerde mensen nodig.  En al ben ik niet verkozen, werk ik daar wel verder aan mee.

Kristel Daems

Kristel zette zich de voorbije jaren in voor het Platform Vrouwenkracht Kempen. Ze werkt voor ACV Kempen en komt op voor gelijke kansen voor vrouwen op het werk. “De kracht van het Platform is dat het alle vrouwen in verenigingen samenbrengt, en dat dat gebeurt over alle zuilen heen. In 2005 trok het Platform mee naar de Wereldvrouwenmars. De Kempense delegatie liep daar erg in de kijker. Nadien is het hen altijd gelukt om twee à drie keer per jaar activiteiten te organiseren. In de aanloop van 2009 werkte het Platform aan de voorbereiding van de Vrouwendag in Turnhout. Daarvoor ging het op zoek naar vrouwen in de Kempen die zich individueel engageerden. Dat leidde tot de uitgave van een boek met foto’s en interviews met 21 vrouwen.”

Strijdpunten

De belangrijkste thema’s waar nog voor gestreden moet worden? Leona Detiège denkt dan aan zaken waar zowel mannen als vrouwen mee bezig zijn: de vergrijzing, gezondheid en tewerkstelling. Kristel vindt waakzaamheid belangrijk: ‘We denken dikwijls dat alles al opgelost is. Nee, er is nog werk aan de winkel. Ik denk bijvoorbeeld aan het feit dat zwangere vrouwen vaak nog onterecht ontslagen worden.’
Denise: ‘Wat ik als ondernemer belangrijk vindt? Om je goed te voelen, moeten ook je medewerkers zich prima voelen. Ik vind het belangrijk dat mensen respectvol met elkaar omgaan en dat rechten gerespecteerd worden.’

Quota

Denise: ‘Maar we kunnen nog wel werken aan de zichtbaarheid van vrouwelijke aanwezigheid. Politiek stelt dat probleem zich niet meer door de invoering van de quota, maar de vertegenwoordiging van vrouwen in de beslissingsorganen van ondernemingen blijft nog altijd een heikel punt.’
Leona: ‘Die quota waren inderdaad soms nodig. Anders zaten we nog altijd in de oude tijden.’
Kristel: ‘Ik ben nooit voor quota geweest, maar ik zie dat ze effect hebben.’
Viv: ‘Vrouwen twijfelen zo vaak aan zichzelf. Nieuwe uitdagingen moet je gewoon aanpakken en erin geloven. Als vrouwen moeten we elkaar daarin stimuleren en inspireren.’

Vrouwendingen

Of Vrouwendagen en dergelijke nog nodig zijn?
Kristel: ‘Tja, als je er naartoe gaat, voel je het enthousiasme dat ontstaat als je met andere vrouwen samen staat. Maar het stoort me wel dat de Vrouwendagen een andere invulling krijgen: het lijken steeds meer momenten voor hooggeschoolden, zowel in thema’s als in de taal die er gesproken wordt. Nee, we moeten de link terugvinden met gewone vrouwen, voor weduwen en gepensioneerden.’
De onafhankelijkheid van vrouwen heeft ook te maken met haar financiële situatie, zo blijkt.
Leona: ‘Inderdaad. Als je partner uit werken gaat en alles goed gaat, is er geen probleem. Maar als je dan als vrouw op straat komt te staan, zit je in de penarie. Mijn moeder zei het al: ’Het is nu belangrijk dat je je eigen loon hebt en dat je op je eigen benen kan staan.’’
Denise: ‘Vrouwen realiseren zich altijd niet dat als ze 4/5de uit werken gaan, dat ze dan later ook maar 4/5de pensioen of werkloosheidsvergoeding ontvangen. Zo’n beslissingen worden altijd genomen als het goed gaat en als je jong bent. ‘

Viv: ‘En we moeten ook aandacht hebben voor de vrouwen die we daarbij nog niet bereiken: ik denk daarbij aan alleenstaande of aan allochtone vrouwen.’

Vrouwen hebben altijd gevochten om te staan waar we nu staan, maar er is nog werk aan de winkel.Dietlinde Staes, Gezinsbond Retie, in de GvA
Het onderliggende probleem is dat we de traditionele rolpatronen van man en vrouw maar niet doorbroken krijgen, zelfs niet na vijftig jaar vechten.Marietje Van Wolputte, Femma Herentals, ook in de GvA
2016-12-16T21:22:29+00:00