Beerse: Engagement voor gezondheidszorg

Beerse: Engagement voor gezondheidszorg

Zaterdag 2 oktober 2010 was het verzamelen geblazen in de bibliotheek van Beerse. Alle vrijwilligers waren welkom op hún moment. Eén van hen is Arlette Van Gorp. Arlette is vrijwillig ambulancier. Hier lees je haar verhaal.

Draait uw hart ook in een knoop als u een ziekenwagen met zwaailicht en sirene aan door het verkeer hoort of ziet scheuren? Eén keer is een dierbare van mij op zo’n manier naar de redding gebracht en sindsdien snijdt de confrontatie met een ziekenwagen mij telkens de asem af, als een kwellende herinnering aan de emoties van dat moment. Alsof ik tot de orde geroepen word door een –in mijn geval tenminste- onbestemde kracht. Gij zult niet vergeten hoe kwetsbaar het leven is.

Naast de urgentiediensten begeven zich ook ziekenwagens door het verkeer die zich op het gewone tempo laten meevoeren. Ik heb nooit goed geweten wat die deden. Komen er dan zoveel mensen met een 
gebroken been van vakantie terug?

Ambulancedienst Beerse

Arlette09Arlette van Gorp (57 jaar) haalde mij uit mijn beperkte leefwereld en liet mij de wereld zien van het ziekenvervoer. Voor haar verhaal meld ik mij aan bij haar thuis in Vlimmeren waar ook de visspeciaalzaak van haar zoon is gehuisvest. “Mijn man is vorig jaar met pensioen gegaan en we helpen nog zoveel mogelijk mee. We laten ze niet in de steek. Wij wonen aan de zaak. Op maandag, dinsdag en woensdag rij ik van 7u tot 19u met de ambulance, de andere dagen rijd ik voor de zaak.”

Arlette rijdt als vrijwilliger voor de Ambulancedienst Beerse. Ontstaan in 1973 uit de bezieling van een twintigtal Beersenaren uit de kring van de Civiele Bescherming, telt de ambulancevereniging inmiddels een kleine 40 leden en 15 ereleden.

De Ambulancedienst Beerse heeft 2 wagens die 24u op 24u, 7 dagen op 7, verbonden zijn aan de vrijwilligers die ervoor oproepbaar zijn. De zogeheten A-wagen is een “echte” ambulance. Het oproepen van deze wagen gebeurt enkel door het hulpcentrum 100/112. De A-wagen wordt gebruikt voor dringende interventies zoals ongevallen, levensbedreigende ziektes enz. De wagen is hiertoe dan ook speciaal uitgerust, vooral op het gebied van reanimatie. De B-wagen wordt gebruikt voor niet-dringende interventies en kan door iedereen opgeroepen worden. De B-wagen zorgt voor het vervoer van zieken in bed of in een rolstoel van en naar het ziekenhuis of naar eender welke bestemming. Arlette rijdt met de B-wagen.

“We doen alle soorten ritten over heel België. We zijn al eens het slachtoffer van een verkeersongeval gaan ophalen in Luxemburg. Het kan ook al eens zijn dat iemand van hier naar de zee moet voor een revalidatie en dan doen we dat in opdracht van het ziekenfonds. Maar we voeren ook mensen van het rusthuis naar het communiefeest van hun (achter)kleinkinderen en enkele uren later weer terug. Voor dat sociaal vervoer hebben we een aangepast tarief. “

Hoe het begon

“Goh, hoe ben ik daar mee begonnen? Het moet 8 jaar geleden zijn toen ik bij mijn moeder in het rusthuis was en Monique, een van de vrijwilligers van de ziekenwagen die er net toekwam, naar mij kwam en zei “zeg, jij bent toch bij het Rode Kruis geweest, awel, als ge dat kunt, kunt ge met ons ook mee”. En zo ben ik meegegaan. Hadden ze het nooit gevraagd, ik was er wellicht nooit aan begonnen gewoon al omdat ik niet wist dat ik dat vrijwilligerswerk kon doen.

We zijn thuis absoluut niet opgegroeid met vrijwilligerswerk. In tegendeel, mijn broers en zusters vinden het maar niets, voor niets werken. In mijn gezin mag ik mijn goesting doen. Ze hebben hier alle dagen hun eten en ik zorg dat mijn werk gedaan is. Als mijn kinderen mij nodig hebben dan kan ik een shift wisselen met een van de andere vrijwilligers. De was en de plas doe ik tussendoor en als dat niet gaat dan doe ik het ’s avonds.”

Isolement doorbreken

Als chauffeur heeft Arlette weinig contact met de patiënten. Haar rol in het doorbreken van het isolement van de betrokkenen is er niet minder door. “Het ziekenvervoer dat wij en andere vrijwilligersverenigingen doen is erg sociaal. Wij brengen de bewoners van een rusthuis naar het ziekenhuis voor onderzoeken maar die zetten we niet voor de deur af natuurlijk.

We gaan mee naar binnen om de patiënt in te schrijven en naar de betrokken dienst te brengen. Als er geen andere rit gepland is dan blijven we bij de patiënt tot die weer met ons terug kan. Vroeger ging er al eens een verpleegster van het rusthuis of een van de kinderen mee maar dat is toch veel minder geworden.

Iedereen heeft het druk en de zwaksten, vaak de ouderen en de zieken zijn daar het slachtoffer van. Het is misschien niet ideaal maar het is wel een zegen dat we bestaan. Vervoer voor mensen die nauwelijks mobiel zijn geeft vrijheid aan mensen die daar maar weinig meer van over hebben.”

Voldoening

De voldoening die Arlette haalt uit engagement ligt net in de bijzondere rol die het ziekenvervoer kan spelen in het leven van zij die het nodig hebben. Ik doe het om de mensen te helpen. Om hen op een veilige manier uit hun isolement te halen, al is het maar voor even.“Ik doe het om de mensen te helpen. Om hen op een veilige manier uit hun isolement te halen, al is het maar voor even. Als er dan geen vrijwillige ambulance meer is wordt het ziekenvervoer voor de meeste mensen veel te duur. Ik doe het ook gewoon graag. Het is mijn hobby. 
We hebben bovendien een heel plezante groep. De groep van de B-wagen is klein en we komen goed overeen. We rijden telkens per twee, een chauffeur en een begeleider die achteraan bij de patiënt zit. We wisselen af zodat we niet altijd in de zelfde combinatie samen rijden.

Op die manier houden we toch met de ganse groep contact want het echte vrijwilligerswerk gebeurt dus maar per twee. We komen op zijn tijd allemaal bij elkaar voor een feestje of een vergadering. 
Ik wou dat ik eerder als ambulancier begonnen was. We hadden het hier druk met de zaak en drie kinderen en het is ook niet op mijn pad gekomen. Ik hoop in ieder geval dat ik het nog heel lang kan doen. 
Zolang ik het aankan zal ik het ook doen. 4 Of 5 jaar geleden ben ik er eens tussenuit geweest. Door van een stom muurtje te vallen heb ik 7 maanden plat moeten liggen. Ik dacht dat ik nooit meer met de  ambulance zou kunnen rijden en ik begon het al erg te missen. Een paar jaar geleden heb ik mijn vrijwilligerswerk ook even opzij moeten zetten omdat ik in de assisenjury moest zetelen bij het proces van Hans Van Temsche. Dat heeft een enorme indruk op mij achtergelaten.

Vooral de confrontatie met de emoties van de familie van de slachtoffers en het feit dat je als jurylid geen emoties mag laten zien was erg zwaar. Het leven is zo kwetsbaar. Verschillende van mijn broers en zussen zijn jong gestorven. Allemaal aan kanker. Dan heb je geen gerust leven meer en koester je elke dag die je in goede gezondheid mag doorbrengen. Dat veelvuldige contact met zieke naasten maakt wellicht ook dat ik mij met bijzondere inzet kan inzetten voor ons ziekenvervoer.”

Tekst en foto’s : Iris Baetens 

2016-12-16T21:22:32+00:00