Op vraag van Vormingplus Kempen sprak filosofe Joke Hermsen in Retie over ‘de tijd’: een begrip dat veel betekenissen heeft en voor interpretatie vatbaar is, maar dat vooral in zijn meetbare vorm – de kloktijd – gekend is. Het andere, niet meetbare, gezicht van de tijd is volledig naar de achtergrond verdrongen. We kennen de tijd bijna alleen nog als een economische factor. De tijd is een rechte lijn waarop deadlines geplaatst worden. Met alle gevolgen van dien.

Een beetje meer weegschaal, wat minder zeis

“In Nederland lopen de medische kosten voor depressies, burn-outs, chronische vermoeidheden en stressgerelateerde ziektes op tot 6 miljard per jaar”, zegt ze in het begin van haar betoog. De conclusie dat we dus dringend anders moeten omspringen met de tijd, laat ze fijntjes achterwege. Maar een boodschapdie verzwegen wordt, klinkt vaak luider dan een die uitgesproken wordt.

Joke Hermsen schreef in 2009 het boek ‘Stil de tijd’. De titel haalde ze uit een gedicht van Gerrit Kouwenaar:

Het is laat zoals ieder jaar,
de tijd zit krap in zijn heden,
vandaag is steeds weer geweest
steek dus het licht aan dat de toekomst nog uitspaart,
spreek het brood aan dat nog niet doof is,
maak de taal waar achter zijn tekens,
spel het vlees, stil de tijd, leef nog even.

“Tijd is een van de moeilijkste thema’s in de filosofie,” weet Hermsen. “Al 25 eeuwen proberen geleerden het begrip tijd te definiëren en altijd stuiten ze op dezelfde vragen, zoals: wat is tijd? En wie bezit de tijd? In de Griekse mythologie zijn er twee figuren die de tijd elk op hun eigen wijze omschrijven: Chronos en Kairos.”

Deze diashow vereist JavaScript.

De Chronostijd

“Chronos was de grootvader van Kairos,” legt Joke Hermsen uit. “Hij wordt vaak afgebeeld met een zeis. Chronos maakte van een abstract begrip als de tijd iets meetbaars en bijna tastbaars. Onder tijd verstond hij de meetbare ‘kloktijd’. Tijdseenheden waren afgebakende periodes, met een begin en een einde. Net zoals een zeis ook een einde heeft. Het is ook niet toevallig dat de visie van Chronos op de tijd weergegeven wordt met de symbolische zeis. Tijd wordt bij hem voorgesteld als iets dat ooit ophoudt, net zoals ons leven eindig is. De dood is -letterlijk- een deadline. Voor we sterven, moeten we een aantal dingen doen en stellen we onszelf een aantal doelen. Je zou kunnen zeggen dat de Chronostijd, die eindig is, ervoor zorgt dat we ’s morgens uit bed komen. We weten immers dat onze tijd op aarde niet onbeperkt is en we willen iets verwezenlijkt hebben en iets van ons leven gemaakt hebben voor we doodgaan.”

“Met de Chronostijd is er op zich niks mis. Ze is nuttig, en zelfs onmisbaar, om orde te scheppen in de chaos. Zonder Chronostijd zouden we geen afspraken kunnen maken, zouden we geen openbaar vervoer kunnen regelen en zou bij uitbreiding de maatschappij compleet vierkant draaien. Het probleem is dat de Chronostijd té belangrijk geworden is. Ze heeft de Kairostijd bijna volledig opgeslokt. Op het einde van de 19de eeuw is het beginnen foutlopen. Klokken hadden overal hun intrede gedaan: in huiskamers, in scholen, in fabrieken. Mensen gingen klokken zelfs als sierraden op hun lichaam dragen. De Chronostijd werd de basis van de economie. De tijd werd volledig vereconomiseerd. De film ‘Modern times’ van Charlie Chaplin was daar een eerste grote aanklacht tegen. De film werd gemaakt halfweg de jaren 30. Chaplin speelt een zwerver die in een fabriek aan de lopende band werkt, terwijl hij bewaakt wordt door camera’s en beeldschermen. Het duurt niet lang voor de stoppen bij hem helemaal doorslaan; helemaal gek gemaakt door de tijd en de tijdsdruk. Zijn collega’s, die onder dezelfde tijdsdruk werken, worden voorgesteld als een kudde afgestompte schapen. De film illustreert perfect hoe de Chronostijd heerst en hoe de Kairostijd daar het grootste slachtoffer van is.”

De Kairostijd

L'Ange de la Justice van Francesco de' Rossi (bron: Wikimedia)

L’Ange de la Justice van Francesco de’ Rossi (bron: Wikimedia)

Joke Hermsen legt uit wat onder de Kairostijd precies moet worden verstaan. “Kairos was de kleinzoon van Chronos. Zijn opvatting over tijd verschilde erg van die van zijn grootvader en stond er zelfs haaks op. Kairos zag de tijd niet als een meetbaar begrip, verstond er juist ‘een gelegenheid’ onder, of ‘het juiste ogenblik’. Voor Kairos was de tijd een abstract gegeven. Hij beschreef tijd als een subjectief gegeven: de tijd is iets dat je kan ‘nemen’. Zoals de tijd voor jezelf, of de tijd om na te denken. Voor hem is de tijd iets persoonlijks. Voor Kairos brengt de tijd creativiteit en inspiratie en stimuleert ze bevlogenheid.”

“In de eeuwen die volgden, kende de visie van Kairos veel aanhangers. Erasmus schreef zelfs ooit dat geen enkel politicus, diplomaat of strateeg één beslissing zou mogen nemen zonder de Kairostijd te raadplegen, met andere woorden: zonder de tijd te nemen om grondig over de dingen te reflecteren.”

“Een misverstand dat vaak opduikt, is dat de Kairostijd verward wordt met nietsdoen of de luierik uithangen. Dat is niet wat met Kairostijd bedoeld worden. De Kairostijd heeft juist te maken met het zinnig doorbrengen van een moment dat je jezelf hebt toegeëigend. Vaak ben je dus in de Kairostijd juist heel gefocust, al hoeft dat niet. De Kairostijd kan immers ook ingevuld worden met dagdromen, wachten, stilstaan… zelfs met vervelen. Al die zaken zijn dikwijls veel zinvoller dan je denkt. Hoe vaak gebeurt het niet dat je denkt dat je je verveelt, dat je vanuit een trein zinloos naar het voorbijglijdende landschap staart, maar dat je juist op dát moment een goeie ingeving krijgt of een oplossing voor een probleem waar je al langer mee rondloopt?”

“Niet voor niets stamt het woord  school af van het Griekse woord scholè, dat ondermeer ‘rust’ betekent. Pas in rusttoestand, in het interval tussen twee handelingen, kunnen we tot bezinning en reflectie komen. Pas als we ‘nietsdoen’, opent zich de ruimte van het denken en van de creativiteit. Dat zijn immers verschijnselen die zich door geen vooropgesteld doel of economisch nut laten sturen of opjagen.”

“Kairos wordt vaak afgebeeld met een weegschaal. Dat is natuurlijk symbolisch. De Kairostijd is de tijd die je neemt om te wikken en wegen, om een balans te vinden… Die tijd wordt in onze huidige maatschappij -door de Chronostijd- aan de kant geduwd. Helemaal ten onrechte, want zo wordt onze creativiteit gefnuikt.”

Maar Joke Hermsen blijft optimistisch. “Ik denk dat de Kairostijd zijn dieptepunt gekend heeft. Ik zie links en rechts de eerste tekenen van herstel. Onlangs werd ik uitgenodigd om te komen spreken op een avond waar de 30-urenweek het centrale thema was. Iets minder Chronos, iets meer Kairos. Iets minder zeis, iets meer weegschaal. Mensen beginnen het in te zien. In Zweden wordt daar nu al mee geëxperimenteerd. Dat verheugt me.”

Verandert het ooit?

Joke Hermsen: "De Chronostijd is te bepalend geworden in ons economisch bestel." Foto © Hans Vangeel

Joke Hermsen: “De Chronostijd is te bepalend geworden in ons economisch bestel.” (Foto © Hans Vangeel)

Na het exposé mocht het talrijk opgekomen publiek de tijd nemen om bij zichzelf en de buurman na te gaan wat tijd betekent en wat je kan ondernemen om anders met de tijd om te gaan.

Vanuit het publiek kreeg de filosofe nog een prangende opmerking voorgeschoteld. “De Grieken discussieerden tweeduizend jaar geleden al over de Chronos- en de Kairostijd, en wij doen dat nu nog. Het valt te vrezen dat er over tweeduizend jaar nog altijd over gediscussieerd zal worden.”

Joke Hermsen counterde. “De discussie op zich is niet slecht. Net zoals de Chronostijd niet per definitie slecht is en de Kairostijd goed. We hebben de Chronostijd immers nodig om plannen te maken en ons leven te organiseren. We moeten er alleen voor zorgen dat er nog ruimte overblijft voor de Kairostijd. Het probleem is dus niet dat er twee ideeën over tijd zijn. Die kunnen perfect naast mekaar bestaan. Maar de Chronostijd is te bepalend geworden in ons economisch bestel. ‘Time is money’, luidt het gezegde. Daar moeten we vanaf. Tijd is veel meer dan geld. Tijd is juist onbetaalbaar.”

Meer foto’s

van Hans Vangeel: